Sensorische ondergevoeligheid

Minder bekend dan sensorische overgevoeligheid is sensorische ondergevoeligheid, of hyporesponsiviteit. Er komen of geen of zo weinig prikkels binnen dat je brein blokkeert en bepaalde signalen niet meer doorgeeft.

Bekende voorbeelden van onderprikkeling zijn het niet aanvoelen dat je trekt hebt en moet eten. Of het niet voelen van pijn.

Staat van rust

Het gevaar

Hoewel het onderprikkeld zijn een verademing kan lijken als je bekend bent met overprikkeling, brengt het zo zijn eigen gevaren met zich mee. Want wat als je de hele dag niet eet omdat je geen hongergevoel waarneemt? Dan zal je lichaam snel uitgeput raken.

Gevolg is dat mensen met onderprikkeling juist op zoek gaan naar prikkels. Maar ook dat brengt weer een gevaar met zich mee, namelijk: overprikkeling.

Overprikkeling

Dus wat is dan de juiste benadering van ondergevoeligheid? Dat zal per persoon verschillen. Maar het zoeken van een gedoseerde hoeveelheid prikkels kan er bij helpen. Denk aan:

  • Het luisteren van muziek
  • Het zorgen voor gelijkmatige druk op het lichaam, bijvoorbeeld door gebruik van een ballendeken
  • Het maken van bepaalde bewegingen
  • Het gaan liggen op een rubberen mat waarbij je je aandacht op de cirkels of stekels van de mat kan richten

Twee uitersten

En hoewel overprikkeling en onderprikkeling twee uitersten zijn, kunnen zij beide voorkomen bij dezelfde persoon. Zo kan iemand ontzettend gevoelig zijn voor geluiden, maar totaal niet aanvoelen wanneer hij naar de wc moet.

Dezelfde soort input kan zelfs in een geval leiden tot onderprikkeling en in een andere context tot overprikkeling. Denk aan iemand die overprikkelt raakt door de geuren in de stad, maar die thuis geen geuren opmerkt.

Het is daarom van belang de bronnen van over- en onderprikkeling goed te herkennen, zodat je weet hoe je in verschillende situaties kunt handelen.